Tabasum Westra Van Til

Utrecht is al twintig jaar mijn thuis. Ik heb de stad van binnenuit leren kennen—van de Binnenstad tot Ondiep, van Lombok tot de Veemarkt. Eerst als rechtenstudent, later als starter en inmiddels samen met mijn gezin. Ik geniet ervan om mensen met elkaar te verbinden, samen te eten, goede gesprekken te voeren en elkaar écht te zien. Dat vind ik zowel binnen onze Utrechtse kerk, waar we actief bij betrokken zijn, als daarbuiten.  

De rode draad in mijn leven is het in gang zetten van verandering: sociaal onrecht benoemen, creatieve oplossingen zoeken en mensen versterken. Daarom ben ik dankbaar dat ik op verschillende plekken zoals bij mijn werk aan de UvA vanuit de migratiewetenschap mag bijdragen aan de belangen van vluchtelingen en asielzoekers.  

Ik weet uit eigen ervaring hoe pijnlijk en beklemmend armoede kan zijn. Juist daardoor kan ik het niet accepteren wanneer ik dat herken in onze stad. Het motiveert me telkens opnieuw om verschil te maken.  

Want wie deelt wat hij heeft, komt nooit tekort. 

Mijn leven staat al zolang ik me kan herinneren in het teken van recht doen: via mijn studie, mijn werk bij de Universiteit van Amsterdam (UvA) op migratie, bestuurswerk en mijn vrijwillige inzet. Ik geloof dat vrijwilligerswerk de sociale samenhang in wijken versterkt en onze stad echt tot leven brengt.  

In maart 2021 zag ik een oproep voor nieuwe raadsleden. Het voelde als een logische volgende stap om ook de lokale politiek in te zetten om sociale gerechtigheid in Utrecht dichterbij te brengen. Ik heb de afgelopen jaren gezien hoeveel prachtige raadsleden zich hier hard voor maken. Je kunt dit echt niet alleen, je zult het samen met de hele stad in al zijn veelkleurigheid moeten doen. Ik geloof dat we een stad kunnen bouwen door dit samen te doen met alle actoren, waarbij de overheid faciliteert en draagt: bouwen aan redzaamheid, gerechtigheid brengen en durven ingrijpen wanneer dat nodig is, ook als dat heilige huisjes doorbreekt. Vanuit gemeenschap en zorg. Ik hoop dat de partij die visie en moed blijft vasthouden. 

Ik houd van deze stad. Utrecht is creatief, solidair en bewogen. Ik ben er trots op hoeveel maatschappelijke organisaties, kerken, burgerinitiatieven in Utrecht opkomen voor mensen die niet makkelijk meekomen. Voor armen, voor vluchtelingen en daklozen. Ik vind het bijzonder om te zien hoeveel sterke schouders deze ‘lasten’ bereid zijn te dragen en sociale gerechtigheid tot stand te brengen. Ik ben blij dat mijn kinderen hier mogen opgroeien, in vrijheid en vreugde. Dat is de erfenis van Utrecht en deze waarden moeten we beschermen voor toekomstige generaties. 

Wat mij drijft, is opkomen voor mensen die zelf niet de kracht of mogelijkheden hebben om zich uit te spreken. Ik wil anderen meenemen in datzelfde streven. De gemeenteraad is voor mij de plek waar we de belangen van inwoners zorgvuldig wegen en beschermen. Waar we met een dienende houding ruimte maken voor initiatieven uit de samenleving. Waar we goed bestuur centraal zetten en waken over rechtszekerheid, want we zien wat er misgaat als die morele basis ontbreekt. Besluiten moeten eerlijk, redelijk en rechtvaardig zijn. Dat we dat samen kunnen bereiken hebben we in het afgelopen mandaat kunnen zien: we hebben samen recht kunnen doen aan mensen op de vlucht met en zonder papieren, mensen, kinderen zonder dak of thuis. Daar staan we pal voor.  

Politiek is echt een daad van naastenliefde en moed. 

Concreet betekent dat: verleng de bed-bad-broodpilot voor uitgeprocedeerde. Zorg voor goede opvang voor daklozen. Bouw bruggen om polarisatie in Utrecht te doorbreken. Blijf solidair met kinderen op de vlucht, waar ze ook vandaan komen, en bied hun veiligheid in onze stad. Behoud wat goed gaat in en met Utrecht. Werk aan een eerlijke verdeling van welvaart zodat armoede afneemt en alle kinderen gelijke kansen krijgen. En erken dat statushouders óók recht hebben op een woning. Daarbij hebben we een betrouwbare partner in het Rijk nodig. Iedereen moet kunnen meedoen. Dát is de kracht van Utrecht.